Word sets
Doing things
Doing things
(P) after a unit means this word only occurs in the practice section of that unit.
wetenknow (a fact)In het café
wonenliveNiet nu
spelenplay (an instrument)Niet nu
pakkentake (take hold of)Goedenavond
zeggensayHet formulier
gaango (on foot)Goedemorgen, Emma
drinkendrinkVandaag bestel ik
eteneatNaar de winkel
werkenworkHet formulier
slapensleepNiet nu
kijkenlook / watchEen leeg huis
begrijpenunderstandHet formulier
spellenspellHet formulier
invullenfill in (a form)Het formulier
sprekenspeakHet formulier
hebbenhaveGoedemorgen, Emma
zoekenlook forEen geel cadeau
helpenhelpHulp in de nacht
wachtenwaitEen tafel voor mij
willenwantNiet nu
krijgengetAlleen thee
bestellenorderTafel drie
betalenpayEen geel cadeau
beginnenstartKwart voor negen
komencome (on foot)Het formulier
komencome (by vehicle: come to the capital)Plan B
opstaanget upWie slaapt wanneer?
douchenshowerWie slaapt wanneer?
lezenreadWie slaapt wanneer?
kokencook (make food)Wie slaapt wanneer?
rennenrunWie slaapt wanneer?
houden vanlikeIn het café
vragenaskEen geel cadeau
gevengiveEen kat op kantoor
leggenputEen kat op kantoor
schrijvenwriteRegels voor Max
zittensit (be sitting)Hulp in de nacht
gaan zittensit downUw telefoonnummer
doendoWie slaapt wanneer?
vertrekkenleavePlan B
aankomenarrive
kopenbuyOp de markt
lopenwalkElke dag een kleur
lerenlearnAnna belt
spelenplay (a game, a sport)De weg naar het meer
oppassen oplook afterWie kan helpen?
zingensingWie kan helpen?
dansendanceWie kan helpen?
zwemmenswimVier tassen
kunnencan (be able to)Niet nu
kunnencan (know how to: can you swim?)Wie kan helpen?
moetenmustDe kat en de regen
nodig hebbenneedEen tafel voor mij
passentry onDe gele jas
denkenthink (have an opinion)De gele jas
nadenken overthink about (consider)Het gesprek
staansuit (it suits you)De gele jas
aantrekkenput onDe oude regenjas
houdenkeepDe oude regenjas
pijn doenhurtVandaag ben ik ziek
zich voelenfeelVandaag ben ik ziek
blijvenstayVandaag ben ik ziek
bellencall (on the phone)Vandaag ben ik ziek
gaanring (the phone rings)Uw telefoonnummer
ademenbreatheBij de dokter
veranderenchange
verliezenloseDe zolder (P)
zienseeWie slaapt wanneer?
horenhearDrie stations
verdwijnendisappearDe zolder
pratentalk
gebeurenhappen
schreeuwenscreamTwintig uur veertien
antwoordenanswerHet gesprek
sturensendDe foto’s (P)
boekenbook (a room)
aanbiedenoffer
uitnodigeninviteIedereen heeft het druk
vindenfindHet concert
besluitendecideIk blijf
bezoekenvisit
houden vanloveDe zolder
openenopenEen tafel voor mij
sluitenclose / closedOordopjes
kennenknow (a person)Naar de winkel
gaango (by bus, train or car)Drie stations
meenementake (with you)De kat en de regen
tekenendrawEen geel cadeau
luisterenlistenMijn buur
betekenenmeanPlan B
vertellentell (about)Emma’s kaart
liggenlie (in bed)De oude regenjas
brengenbringDe oude regenjas
uitdoenturn offDe foto’s
wassenwashIedereen heeft het druk
snurkensnoreOma heeft alles gezien
vallenfallTwintig uur veertien
aanrakentouchTwintig uur veertien
stelenstealDe foto’s
ontwerpendesignHet gesprek
uitgaango out (a light)Een spook?
aangaancome on (a light)Een spook?
foto's makentake photosOma heeft alles gezien
eindigenend, finishEen baan in Amsterdam
bakkenbakeHet concert